• Presenteren

    Je kent het wel, dat moment dat je dan vooraan staat, tientallen of zelfs honderden ogen op jou gericht, en je voelt de zenuwen in jouw buik opfladderen, jouw handen klam worden en jouw keel dichtnijpen. Presenteren is echter niet zo moeilijk en hoeft zeker niet zo’n zenuwslopend proces te zijn. De een is natuurlijk beter in presenteren en zijn/haar zenuwen onder controle houden dan de ander, maar iedereen kan een goede presentatie geven wanneer je onderstaande tips in acht houdt.

    Het belangrijkste deel van een presentatie is de voorbereiding. Neem de tijd om je voor te bereiden. Als je op tijd begint kan je de presentatie ook meerdere malen oefenen, wat al heel wat zenuwen tegen zal gaan bij de uiteindelijke presentatie!

    Een eerste vraag die je jezelf moet stellen is: wie is mijn doelpubliek? Jouw publiek zal namelijk bepalen welk taalgebruik je kan hanteren, of je humor kan gebruiken, welke hulpmiddelen je kan gebruiken, enz. Jouw presentatie moet ook goed aansluiten bij het kennisniveau van het publiek. Enkele hulpvragen die je jezelf kan stellen: Wat is de reden dat zij bij mijn presentatie zijn? Wat zouden zij uit deze presentatie willen halen? Welke overeenkomsten hebben mijn publiek en ikzelf? Wat weet ik al over mijn publiek?

    Als je een antwoord hebt op vorige vragen kan je beginnen nadenken over de opbouw van de presentatie. Je hebt verschillende programma’s die je kan gebruiken om presentaties op te maken, denk naast PowerPoint ook aan bijvoorbeeld Prezi, een vorm van interactief presenteren. Let wel op, hoe meer informatie en afbeeldingen je op je scherm projecteert, hoe minder aandacht er naar jou als spreker gaat. Houd de informatie op de slides dus erg kort en bondig.

    Er bestaat helaas niet één gouden regel om de perfecte slide op te stellen. Dit zijn wel enkele tips:

    • Je vermijdt best de klassieke lettertypes zoals Arial of Comic Sans, maar houd het wel leesbaar.
    • Zorg ook dat je eenzelfde kleurenschema aanhoudt.
    • Hoe minder woorden op je slide staan hoe beter. Als het je helpt kan je de regel gebruiken die stelt dat je maximum 4 bullet points van 5 woorden per slide mag gebruiken. Andere regels zeggen dan weer dat je maximum 33 woorden per slide mag gebruiken. Het is vooral belangrijk dat je je slides kort, bondig, leesbaar en interessant houdt.

    vis

    Voor sommige presentaties is PowerPoint handig, maar wanneer je bijvoorbeeld een levendig publiek hebt helpt het je niet tijdens de presentatie, het hindert je. Het leidt ten eerste af en door de volgorde van jouw sheets zit je muurvast tijdens de presentatie. Je kan dan beter geen slides gebruiken en gewoon vertellen of aan mindmapping doen. Bij deze laatste vorm van presenteren zet je de kernboodschap in het midden op een bord en bouw je daar de zaken omheen die verder nog een rol spelen. Op deze manier kan je op elk moment in de presentatie terugkeren naar jouw kernboodschap, je bent immers niet gebonden aan de volgorde van jouw slides.

    Een goede presentatie valt of staat met het geloof in jezelf en jouw boodschap. Met een inhoudelijk sterk verhaal laat je zien dat je verstand van zaken hebt en kan je jouw publiek overtuigen van jouw standpunten.

    Vertel alle informatie die je wilt overbrengen in een verhaal. Zorg dat je presentatie een logische volgorde heeft en maak het verhaal niet te lang. Je hoeft in jouw presentatie zeker niet alles ter sprake te brengen wat je weet. In de vragenronde kunnen altijd nog vragen worden gesteld over zaken waar het publiek meer over wilt weten.

    Het belangrijkste deel van een presentatie is de inleiding. Mensen vormen immers een oordeel over jouw presentatie in de eerste 30 seconden. Spreek het publiek aan door te starten met een goede opener. Dat kan gaan van een statement, een vraag, een anekdote tot een grap, een vaststelling of een beeld … Je geeft het publiek op deze manier een reden om aandachtig te blijven. Verontschuldig je nooit bij het begin van de presentatie. Zo verliezen mensen hun aandacht en geef je jouw geloofwaardigheid een deuk. In de inleiding moet je vertellen waarover jouw presentatie zal gaan.

    Om jouw verhaal goed op te bouwen stel je jezelf de volgende vragen: Wat zijn de 3 belangrijkste punten die ik wil overbrengen? Welke anekdotes, verhalen en werkvormen ga ik gebruiken om dit over te brengen? Hoe kan ik het publiek betrekken in mijn presentatie? Met welk gevoel moet het publiek straks de zaal uitlopen? Zorg ervoor dat je jouw presentatie afwisselend maakt. Afhankelijk van jouw eigen stijl en de duur van de presentatie kun je interactieve opdrachten of humor gebruiken.

    Het is belangrijk dat je op het einde van de presentatie jouw kernboodschap nog eens herhaalt. Mensen onthouden immers het laatste wat er gezegd is. Je kan dan ook overgaan tot een vragenronde.

    Een derde element dat belangrijk is bij de voorbereiding zijn de locatie en de set up. Je moet rekening houden met de ruimte waarin je spreekt. Hoeveel mensen zullen jouw presentatie volgen? Wat voor microfoon krijg je? Werkt die microfoon? Sta je of zit je tijdens je presentatie? Werkt de beamer? Staat je presentatie zéker op jouw USB? Op al deze zaken kan je je goed voorbereiden. Test al het technisch materiaal op voorhand, dubbelcheck de USB, vertrek op tijd, …

    Wanneer je dan eindelijk de presentatie af hebt, goed geoefend hebt en vooraan gaat staan zijn er nog enkele zaken waar je op moet letten:

    • Spreek niet monotoon en praat langzamer dan je normaal zou doen. Dit kan je voor de presentatie thuis ook oefenen.
    • Vergeet niet adem te halen en blijf geconcentreerd op je presentatie.
    • Zorg voor een stabiele en rustige houding gedurende jouw presentatie. Let wel op dat je niet vastroest op jouw plek, wandel gerust wat rond.
    • Luister naar het publiek, kijk hoe ze reageren. Stuur dan ook bij indien nodig.
    • Maak oogcontact met het publiek.
    • Vertel enthousiast, ook al gaat het om saaie informatie.

     

    Wij van Buzzista helpen je graag verder met het opstellen en opmaken van een presentatie, maar wij geven ook graag presentaties over marketing, PR en social media. Voor vragen over onze diensten of voor het maken van een afspraak, kun je ons bereiken op: info@buzzista.nl.


  • Storytelling

    Storytelling is een bekend begrip in de wereld van communicatie en marketing. Zowel online als offline is het een krachtig middel om de belangstelling van het publiek te trekken. Of het nu in de vorm is van een persbericht, een blog, of een tweet, alle informatie wordt beter onthouden als het in verhaalvorm wordt aangeboden.

    In theater, poëzie, romans, games: overal gaat het om verhalen. Het publiek wil zich kunnen verplaatsen in verhalen. Ze willen het authentieke zien, ervaren én voelen. Visual storytelling is daarom de beste manier om jouw verhaal met de wereld te delen. Tekeningen en video’s helpen bij het creëren van scènes en houden moeilijker vakjargon op afstand.

    Als je nog een stapje verder wilt gaan dan online visual storytelling zou je zelfs gebruik kunnen maken van een holonovel, een boek dat je zelf kan “binnenwandelen” via de virtual reality wereld. Een leuk voorbeeld is de holonovel die voor het eerst opdook in Star Trek: The Next Generation. Het is een boek dat je als bemanningslid via de virtual reality-wereld van het zogeheten holodeck zomaar kon binnenlopen. Kleren en mogelijke accessoires werden holografisch toegevoegd, opdat je als verhaalkarakter precies paste in het decor. De Hololensbril, een creatie van Microsoft, kan ook een mooi hulpmiddel zijn voor originele visual storytelling. High-definition hologrammen geïntegreerd in de echte wereld openen nieuwe manieren om te creëren, communiceren, werken en spelen.

    Het is belangrijk om de juiste beelden toe te voegen aan jouw verhaal, maar minstens even belangrijk is de opbouw van jouw verhaal. Er bestaat eigenlijk geen verschil tussen storytelling of het schrijven van een roman. De basiselementen voor een verhaal zijn altijd hetzelfde. Je begint met het uitwerken van jouw thema door 3 kernzaken te bepalen: de hoofdpersoon, het incident en het conflict (de gebeurtenissen stapelen op tot een climax). Het thema, datgene waar het in de kern om draait, is vaak de missie van een bedrijf. Albert Heijn maakt bijvoorbeeld ”het alledaagse betaalbaar, het bijzondere bereikbaar”, en IKEA wilt “een beter dagelijks bestaan voor zoveel mogelijk mensen”.

    Als je je thema hebt gevonden ga je op zoek naar literaire middelen die deze boodschap het beste vooruit helpen zoals personages, symbolen, tijd, ruimte, stijl, compositie. Door de ogen van welk personage vertel je jouw verhaal? Waar situeer je het verhaal? Via welk medium ga je jouw boodschap verspreiden? Gebruik je bepaalde symbolen of een motto?

    Emma Coats, director en storyboard artist bij filmstudio Pixar, meesters in storytelling, heeft wat wijsheid gedeeld die ze over de jaren heeft opgedaan in de studio. Deze 22 tips helpen je alvast bij het opstellen van je verhaal:

    pixars-22-rules-to-phenomenal-storytelling-1-638

    1.    Je bewondert een personage niet omdat hij/zij slaagt proberen is al genoeg.

    2.    Houd in gedachten wat interessant is voor het publiek, niet wat leuk is om te schrijven. Dat zijn twee verschillende dingen.

    3.    Schrijven vanuit een thema is belangrijk, maar je weet pas waar jouw verhaal over gaat als je klaar bent. Herschrijf dan.

    4.    Er was eens een ___. Elke dag___. Totdat___. Daarom___. Daarom___. Totdat uiteindelijk___.

    5.    Simplificeer. Focus. Combineer personages. Neem geen omwegen.  Het zal voelen alsof je waardevol materiaal verliest, maar het maakt je vrij.

    6.    Waar zijn jouw personages goed in? Gooi hun tegenpool naar ze. Daag ze uit. Hoe gaan ze ermee om?

    7.    Verzin een einde voordat je een midden maakt.

    8.    Maak jouw verhaal af. Laat het los, ook al is het niet perfect. Dan kun je het de volgende keer beter doen.

    9.    Als je vastzit, maak dan een lijst van wat er niet gaat gebeuren. Zo kom je vanzelf op nieuwe ideeën die wel werken.

    10.    Analyseer de verhalen die je leuk vindt. Wat je leuk vindt is een deel van jou, maar dat moet je eerst herkennen voordat je het kan gebruiken.

    11.    Als je het opschrijft, kan je er wat mee. Als het in je hoofd blijft, een perfect idee, deel je het nooit met iemand.

    12.    Gooi jouw eerste idee weg. En de tweede, de derde, de vierde en de vijfde. Haal de voor de hand liggende ideeën uit jouw systeem. Verras jezelf.

    13.    Geef jouw personages meningen. Passieve en kneedbare personages zijn misschien aardig om te schrijven, maar het is vergif voor het publiek.

    14.    Waarom moet je dit verhaal vertellen? Wat is het brandende geloof dat je verhaal voedt? Dat is het hart.

    15.    Als je een personage was in deze situatie, hoe zou je je dan voelen? Eerlijkheid geeft geloofwaardigheid aan ongeloofwaardige situaties.

    16.    Wat is de inzet? Geef het publiek een reden sympathie te voelen voor het hoofdpersonage. Wat gebeurt er als het niet lukt? Geef hem of haar geen enkel voordeel.

    17.    Geen enkel werk is verspild. Als iets niet lukt, laat het los en ga door. Later zal het terugkomen en nuttig zijn.

    18.    Ken het verschil tussen je best doen en moeilijk doen. Verhalen maken is testen, niet verfijnen.

    19.    Toevalligheden die personages in de problemen werken, zijn goed. Toevalligheden om hen eruit te halen, is valsspelen.

    20.    Oefening: neem de bouwstenen van een film die je niet leuk vindt. Hoe kan je ze herschikken zodat je het wel leuk vindt?

    21.    Identificeer je met de situaties en personages uit jouw verhaal; je kan niet koel schrijven. Waardoor zou jij op de manier die je beschrijft reageren?

    22.    Wat is de essentie van jouw verhaal? Hoe vertel je het met zo min mogelijk woorden? Als je dat weet, kan je vanuit daar verder bouwen.

    Wij van Buzzista hebben ruime kennis en ervaring op het gebied van storytelling. We willen je graag helpen met het overbrengen van jouw content naar de juiste doelgroep. Voor vragen over onze diensten of voor het maken van een afspraak, kun je ons bereiken op: info@buzzista.nl.